Verpotten
Deze fotoserie illustreert de gewone verpottingsmethode.
Voor de Acer Palmatum is het noodzakelijk te verpotten in het begin van de lente om de boom zo weinig mogelijk risico te laten lopen.
|
Gebruik het basis grondmengsel : bijv.
|
![]() |
|
Grove kiezel (4 - 8 mm) wordt als drainagemiddel onder in de pot gebruikt. Kijk na of gehele bodem er mee bedekt is. |
![]() |
|
Voeg grondmengsel toe tot de pot voor 1/3 gevuld is. Maak een heuveltje op de plaats waar de stam komt. Dit helpt mee om een goed contact te bewerkstelligen tussen de wortels en de grond. |
![]() |
| Haal de boom voorzichtig uit zijn oude pot, verwijder alle bodembedekkers (mos enz...) en wrijf alle losse grond van het oppervlak weg. |
![]() |
|
Kam de wortels uit zodat de wortels vrij naar beneden hangen. Vermijdt ernstige schade aan de kleine haarwortels: een wortelhaak met één enkele haak is beter dan een "harkvormig" tuig: je kan er de wortelkluit goed mee uitkammen, zonder aan de wortels te trekken. |
![]() |
|
Knip de ongewenste lange wortels weg, maar kijk wel of er genoeg kleine haarwortels overblijven: de haarwortels zorgen ervoor dat de boom voedsel kan opnemen en in leven blijft. In het voorbeeld wordt de dikke spilwortel ingekort om de boom in een ondiepe pot te kunnen plaatsen. Er waren weinig haarwortels aanwezig, zodat de boom er normaal weinig hinder van zal ondervinden. |
![]() |
|
Plaats de boom in de pot en duw hem krachtig maar voorzichtig op het heuveltje grond. Spreidt de wortels, zodat zij netjes het oppervlak bedekken. Plooi de draden over de wortels en bindt de boom stevig op zijn plaats in de pot.Dit voorkomt dat de wortels gaan verschuiven in de pot en zorgt ervoor dat de groei van nieuwe haarwortels wordt bespoedigd. De boom herstelt hierdoor beter van zijn verpotting. |
![]() |
|
Vul de pot op met het grondmengsel en denk eraan, de grond goed tussen de wortels te werken. |
![]() |
|
Klop met de vuist op de zijkant van de pot, zodat de grond tussen de wortels glijdt. Eventuele luchtbellen tussen de wortels kan men bijwerken door met de vingers of een stokje het mengsel aan te duwen. Werk echter voorzichtig om de wortels niet te beschadigen. |
![]() |
|
Knip ongewenste takken weg of kort ze in. Dit is vooral noodzakelijk indien het wortelgestel drastisch wordt gesnoeid: wortels en gebladerte moeten in evenwicht zijn om de overlevingskansen van de boom te verhogen. In het voorbeeld is de kruin van de boom te zwaar tegenover de onderste takken. Deze wordt dus sterk teruggesnoeid, terwijl de onderste takken ongemoeid blijven zodat ze ongestoord kunnen aandikken en verlengen. |
![]() |
|
Kuis het grondoppervlak op en geef overvloedig water. De grond zal zich vastzetten en je zal eventueel wat mengsel moeten bijvoegen om zeker te zijn dat alle nodige wortels goed zijn bedekt. De boom krijgt nu een koele maar vorstvrije standplaats, in de schaduw en beschermd voor sterke wind, dit gedurende2 - 3 weken: een verpotting is een zware beproeving voor een bonsai en hij zal deze rustperiode zeker nodig hebben om zijn normaal ritme te hervatten. Geef geen mest gedurende deze periode. Wanneer de nieuwe groei terug op gang is gekomen kan de boom geleidelijk zijn vroegere standplaats innemen. |
![]() |
Bron: 
Laatst aangepast (zaterdag, 17 oktober 2009 18:45)













